Een puristische illusie
Binnen de Nederlandse taal blijkt correctheid nog altijd belangrijker dan begrijpelijke vloeiendheid. Maar bij het horen en zien van deze mengelmoes van karakters, klanken en hun duplicaten, dringt zich een vraag op:
Wat gebeurt er met de taal wanneer we de monsterlijke uitkomsten van het spellingsysteem verder verstrikken door middel van versimpeling?
En wellicht brengt deze opzettelijke verloedering van schrijftaal ons juist dichter bij de sprekende vorm.
In ‘Monsterlijke Samenstellingen’ sta ik op tegen het idee van puristische correcte taalvormgeving. Door middel van opzettelijke versimpeling en verweving van vorm aan de hand van klank, ondervraag ik de taal systemen die we elke dag gebruiken, met de onderliggende gedachte van hoe die schrijftaal er in de toekomst uit zal zien.
Misschien maakt een aangepast systeem, dat vriendelijker is voor niet-sprekers, de taal toegankelijker om te leren en te begrijpen. Is dat niet precies wat we willen wanneer mensen besluiten onze ruimte en gemeenschap te betreden? Zou het schrift geen fysieke manifestatie moeten zijn van een inclusieve, gastvrije samenleving?